De 'tien geboden voor de mensheid' werden door Wubbo Ockels als volgt omschreven:
- nttDe mensheid is onscheidbaar
- nttHet doel van de mensheid is overleven
- nttDe mensheid heeft de aarde en natuur nodig
- nttOns doel is om de mensheid te ondersteunen, en daarmee de aarde en natuur
- nttWe moeten iedereen respecteren die voor dat doel strijdt
- nttIedereen is verbonden met iedereen via de mensheid
- nttIedereen is verbonden met de natuur en de aarde
- nttWe zijn allen astronauten van het Ruimteschip Aarde
- nttWie geen respect heeft voor anderen, heeft geen respect voor de mensheid
- nttMensheid, natuur en aarde zijn onscheidbaar