Mede namens 900 mede-eisers vroeg de organisatie voor duurzaamheid en innovatie de rechter uit te spreken dat niet handelen door de overheid in strijd is met het recht. Ook werd gevraagd om betere informatie vanuit de overheid richting de burgers. Op 24 juni zal de rechtbank uitspraak doen in de Klimaatzaak.
Urgenda is de klimaatzaak tegen de Staat gestart omdat de overheid de urgentie van het klimaatprobleem weliswaar erkent, maar te weinig maatregelen neemt om gevaarlijke klimaatverandering te voorkomen. Willen we niet dat het leven op aarde al in de tweede helft van deze eeuw zeer onaangenaam wordt, dan zal de uitstoot van broeikasgassen al vóór 2020 sterk verminderd moeten worden. Als je op een ravijn afrijdt, moet je op tijd beginnen met remmen. Rem je te laat, dan val je onvermijdelijk over de rand.
Omdat de politiek zijn verantwoordelijkheid niet neemt, richt Urgenda zich tot de rechter. Aan de rechter vraagt de organisatie om naar de feiten te kijken en vast te stellen dat het onrechtmatig is voor de Nederlandse Staat om niet de maatregelen te nemen waarvan hij weet dat het nodig is om zijn eigen burgers tegen gevaarlijke klimaatverandering te beschermen. Urgenda en haar mede-eisers vragen van de rechter:
- ntt Te verklaren dat een opwarming van de aarde met meer dan 2 graden Celsius tot een wereldwijde schending van mensenrechten leidt.
- ntt Te verklaren dat de Nederlandse Staat onrechtmatig handelt door niet haar evenredige bijdrage te leveren aan het voeren van effectief klimaatbeleid.
- ntt De Staat op te dragen de Nederlandse uitstoot van CO2 al voor 2020 drastisch te verminderen tot het noodzakelijke niveau dat door wetenschappers is vastgesteld, dat wil zeggen met 40% ten opzichte van het niveau van 1990.